Tel: 0318-519167

Hartaandoeningen bij de hond

Hartaandoeningen bij de hond

Ongeveer 10% van de honden krijgt te maken met een hartaandoening. Bij de meeste honden is het eerste teken een ruisje dat gehoord wordt door de dierenarts. Bij de hond kennen we aangeboren hartafwijkingen (zeldzaam) en verkregen hartaandoeningen (veel voorkomend).

De twee meest voorkomende hartaandoeningen zijn:

– lekkende hartklep (mitralisklepinsufficiëntie)

– verzwakte hartspier (dilatatieve cardiomyopathie)

Mitralisklepinsuffiëntie

Mitralisklepinsufficiëntie komt vooral voor bij kleine rassen, maar het kan ook voorkomen bij grote honden. Bij elke hartslag lekt er bloed terug door de niet goed sluitende hartklep. Met een stethoscoop is dit te horen als een hartruis. Door de lekkage pompt het hart minder goed en dit leidt op termijn tot problemen.

Dilatatieve cardiomyopathie (DCM)

DCM komt voornamelijk voor bij grote rassen. Deze aandoening wordt gekenmerkt door een toenemende verzwakking van de hartspier. De hartwand wordt steeds dunner en de boezems en kamers worden steeds groter. Een hartruis is meestal niet aanwezig en vaak is een hartecho nodig om tot een diagnose te komen. Het gevolg van deze verminderde werking van de hartspier is hetzelfde als bij klepinsufficiëntie: het bloed wordt niet meer op een efficiënte wijze rondgepompt.

Verschijnselen

Beide aandoeningen zullen, indien onbehandeld, in de loop van tijd hartfalen veroorzaken. Onderstaande verschijnselen kunnen een aanwijzing zijn voor hartfalen:

– kortademigheid

– verminderd uithoudingsvermogen

– verminderde eetlust

– lusteloos, minder levendig

– hoesten (vooral ’s nachts)

– moeilijke ademhaling

– flauwvallen

– rusteloosheid

Bij het waarnemen van één of meer van deze klachten is het verstandig om contact op te nemen met ons.

Prognose

Hartaandoeningen zijn meestal niet te genezen, maar met een goede behandeling kan een hond nog een lang en leuk leven hebben. Op tijd behandelen is hierbij van essentieel belang. Wacht niet te lang bij klachten en laat uw hond regelmatig controleren, waarbij we de slijmvliezen, pols, hart en longen beoordelen.

Delen met: